Page images
PDF
EPUB

LETTEROEFENINGEN

VOOR

1875

ONDER REDACTIE VAN

DR. J. W. BOK EN DR. W. B. J. VAN EIJK.

HONDERD VEERTIENDE JAARGANG.

NIEUWE SERIE, ELFDE JAARGANG.

EERSTE DEEL.

Wetenschap en Belletrie.

LEIDEN. - P. VAN SANTEN.

18 7 5.

[ocr errors][merged small][ocr errors][merged small][ocr errors]

Dutch hit, hiphoff alzal-29 10242

I N H O 0 D.

.

.

[ocr errors]

81

.

[ocr errors]
[ocr errors]

Parijsche zeden onder het tweede Keizerrijk, door Dr. Blz.
JAN TEN BRINK

1 De overgang van Hendrik IV, door Prof. THEOD. JORISSEN, I, II, III

25, 225, 327 Koning Lodewijk van Beijeren, door ElIE RECLUS

55 Het wezen en de grenzen der kunst, door MR. C. W.

OPZOOMER
De inrichting van het hooger onderwijs in Duitschland

en de ontworpene nieuwe regeling van het onze, door
Prop. J. TIDEMAN

115 Een tuiltje geurige bloemen van Vlaamschen bodem, door A. J. SERVAAS VAN ROOIJEN .

144 Julian Schmidt en Sadowa .

159 Fritz Reuter's dichterlijke nalatenschap, door Dr. C. M. Vos 161 Ondanks alle emancipatie, door B. VAN DER Maas

204 Antieke zedeleer en zedelijkheid, door PROF. VAN DER

251 Een duitsch treurspel, door H. L. BERCKENHOFF

278 Busken Huet over „Wanda", door J. W. B.

297 Duitsche indrukken, door Prof. Dr. A. PIERSON.

305 Graaf di Cavour, door MR. W. R. BOER, I

359

.

.

.

.

WIJCK.

.

.

PARIJ SCHE ZEDEN

ONDER HET TWEEDE KEIZERRIJK.

DOOR

Dr. JAN TEN BRINK.

Rolande, étude parisienne (par)

Fervacques & Bac haumont. 3me Edition, Paris. Dentu. 1874.

I.

Binnen een half jaar zag de hier genoemde roman drie malen het licht. Dat is, wat men in de parijsche uitgeverswereld un beau succes” noemt. De Revue des deux Mondes vestigde er in hare kleine kritieken even de aandacht op. Het boek zou eene nauwkeurige, zelfs al te nauwkeurige schildering van parijsche zeden gedurende de laatste jaren van het tweede Keizerrijk bevatten. Behalven het aesthetiesch belang zou aan dit verhaal nog een historiesch gewicht moeten worden toegekend

daar het een voerig overzicht geeft van de jaren 1868, 1869, 1870 en zelfs van 1871 tot aan het einde der Com mune.

Wat hiervan is, beproef ik, vooral om het historiesch belang der zaak, kortelijk uit een te zetten.

Vooreerst de opmerking, dat het tweemanschap Fervacques en

Bachaumont geheel onbekend was voor de LETTEROEF. 1875. WET. EN BELL. No. 1.

zeer uit

1*

« PreviousContinue »